Vormen

Vormen van biljart

In de loop der tijd zijn er verschillende vormen van het biljartspel ontstaan. In Nederland wordt er onder de term biljart vrijwel altijd carambolebiljart verstaan. Bij deze verschijningsvorm van het spel wordt er met drie ballen gespeeld; twee witte en één rode, hoewel één van de witte ook wel eens door een gele bal vervangen wordt. Binnen het carambolebiljart bestaan er nog diverse varianten, zoals het bandstoten, het kaderspelen en het libre biljart. Daarnaast kennen we ook het snooker en het poolen, waar met meerdere gekleurde ballen gespeeld wordt.

Carambolebiljart

Het carambolebiljart behoort tot de klassieke spelvormen van het biljart. Deze vorm heeft alle facetten van het biljartspel in zich en wordt dan ook gezien als de basis, die je het beste als eerste onder de knie kunt krijgen alvorens je in andere spelvormen te verdiepen. Het libre biljart is de meest populaire vorm van het carambolebiljart. De speelbal moet binnen één stootbeurt de andere twee ballen raken om zo een carambole te maken. Van te voren wordt vastgesteld hoeveel caramboles er door de spelers gemaakt moeten worden om het spel te winnen. Wanneer de speler een carambole mist, mag de ander. Wie het eerst het aantal gehaald heeft, is de winnaar.

Carombole biljart voorbeeld

Carombole biljart voorbeeld

Bandstoten en driebanden

De biljartvormen die misschien wel het vaakst in de media worden uitgelicht en dan ook bij de meeste mensen wel bekend zijn, zijn het bandstoten en het driebanden. De spelregels van deze varianten op het carambolespel komen nagenoeg overeen met die van het libre biljart, maar hebben één belangrijk verschil. Voordat de speelbal de derde bal raakt en de carambole een feit is, moet de speelbal bij het bandstoten ten minste één band hebben geraakt. Bij het driebanden zijn het minimaal drie banden, die de speelbal moet hebben aangetikt alvorens de carambole te voltooien.